Detailed Translations for go on from English to Dutch
go on:
-
to go on
verdergaan;
voortgaan;
doorlopen;
verder lopen;
avanceren
-
verdergaan
verb
(ga verder, gaat verder, ging verder, gingen verder, verder gegaan)
-
voortgaan
verb
(ga voort, gaat voort, ging voort, gingen voort, voortgegaan)
-
doorlopen
verb
(loop door, loopt door, liep door, liepen door, doorgelopen)
-
verder lopen
verb
(loop verder, loopt verder, liep verder, liepen verder, verder gelopen)
-
avanceren
verb
(avanceer, avanceert, avanceerde, avanceerden, geavanceerd)
-
continueren;
doorgaan;
voortzetten;
vervolgen;
aanhouden;
voortgaan;
verdergaan
-
continueren
verb
(continueer, continueert, continueerde, continueerden, gecontinueerd)
-
doorgaan
verb
(ga door, gaat door, ging door, gingen door, doorgegaan)
-
voortzetten
verb
(zet voort, zette voort, zetten voort, voortgezet)
-
vervolgen
verb
(vervolg, vervolgt, vervolgde, vervolgden, vervolgd)
-
aanhouden
verb
(houd aan, houdt aan, hield aan, hielden aan, aangehouden)
-
voortgaan
verb
(ga voort, gaat voort, ging voort, gingen voort, voortgegaan)
-
verdergaan
verb
(ga verder, gaat verder, ging verder, gingen verder, verder gegaan)
-
continueren;
doorgaan;
voortzetten;
verdergaan;
vervolgen;
prolongeren
-
continueren
verb
(continueer, continueert, continueerde, continueerden, gecontinueerd)
-
doorgaan
verb
(ga door, gaat door, ging door, gingen door, doorgegaan)
-
voortzetten
verb
(zet voort, zette voort, zetten voort, voortgezet)
-
verdergaan
verb
(ga verder, gaat verder, ging verder, gingen verder, verder gegaan)
-
vervolgen
verb
(vervolg, vervolgt, vervolgde, vervolgden, vervolgd)
-
prolongeren
verb
(prolongeer, prolongeert, prolongeerde, prolongeerden, geprolongeerd)
-
-
Conjugations for go on:
present
- go on
- go on
- goes on
- go on
- go on
- go on
simple past
- went on
- went on
- went on
- went on
- went on
- went on
present perfect
- have gone on
- have gone on
- has gone on
- have gone on
- have gone on
- have gone on
past continuous
- was going on
- were going on
- was going on
- were going on
- were going on
- were going on
future
- shall go on
- will go on
- will go on
- shall go on
- will go on
- will go on
continuous present
- am going on
- are going on
- is going on
- are going on
- are going on
- are going on
subjunctive
- be gone on
- be gone on
- be gone on
- be gone on
- be gone on
- be gone on
diverse
- go on!
- let's go on!
- gone on
- going on
1. I, 2. you, 3. he/she/it, 4. we, 5. you, 6. they
Synonyms for "go on":
Antonyms for "go on":
Related Definitions for "go on":
-
come to pass1
-
continue talking1
-
start running, functioning, or operating1
-
move forward, also in the metaphorical sense1
-
continue a certain state, condition, or activity1
External Machine Translations:
Images:
Related Translations for go on