Summary
Dutch to English:   more detail...
  1. futloos:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for futloos from Dutch to English

futloos:


Translation Matrix for futloos:

VerbRelated TranslationsOther Translations
limp hinken; kreupel lopen; mank lopen; mankgaan
AdjectiveRelated TranslationsOther Translations
drained futloos; lamlendig; lusteloos; mat; slap
languid futloos; lamlendig; lusteloos; mat; slap langzaam; lijzig; log; loom; mat; niet uitbundig; sloom; traag
lifeless energieloos; futloos; lamlendig; landerig; lusteloos; slap dood; geesteloos; levenloos; niet bezield; onbezield; ongeanimeerd
limp energieloos; futloos; lamlendig; landerig; lusteloos; slap hangerig; lijzig; log; loom
listless energieloos; futloos; lamlendig; landerig; lusteloos; mat; slap hangerig; langzaam; lijzig; log; loom; lusteloos; sloom; traag
spiritless futloos; lamlendig dood; geesteloos; levenloos; niet bezield; onbezield
washed-out energieloos; futloos; lamlendig; landerig; lusteloos; slap
ModifierRelated TranslationsOther Translations
down in the dumps futloos; lamlendig; landerig; vervelend
no energy energieloos; futloos; lamlendig; landerig; lusteloos; slap
washed out futloos; lamlendig; lusteloos; mat; slap blank; bleek; flauw; flets; pips; verschoten; wit; wit van huidskleur

Related Words for "futloos":


Wiktionary Translations for futloos:

futloos
adjective
  1. lacking vitality