Summary
Dutch to English:   more detail...
  1. zich houden aan:


Dutch

Detailed Translations for zich houden aan from Dutch to English

zich houden aan:

zich houden aan verb

  1. zich houden aan (zich houden)
    to stick to; to keep to; to behave oneself
    • stick to verb (sticks to, stuck to, sticking to)
    • keep to verb (keeps to, kept to, keeping to)
    • behave oneself verb (behaves oneself, behaved oneself, behaving oneself)

Translation Matrix for zich houden aan:

VerbRelated TranslationsOther Translations
behave oneself zich houden; zich houden aan zich gedragen
keep to zich houden; zich houden aan zich gedragen
stick to zich houden; zich houden aan aankleven; blijven bij; eerbiedigen; hechten aan; houden aan; zich gedragen

Related Translations for zich houden aan