Summary


Dutch

Detailed Translations for mede from Dutch to Spanish

mede:

mede [de ~] noun

  1. de mede (honingdrank)
    la aguamiel; el néctar

Translation Matrix for mede:

NounRelated TranslationsOther Translations
aguamiel honingdrank; mede nektar
lo mismo hetzelfde
néctar honingdrank; mede ambrozijn; godenspijs; honingdauw; nectar; nektar; spijs van de Olympische goden
ModifierRelated TranslationsOther Translations
a la vez alsmede; alsook; evenals; eveneens; evenzeer; mede; ook; tevens gelijktijdig; simultaan; tegelijk; tegelijkertijd
además alsmede; alsook; evenals; eveneens; evenzeer; mede; ook; tevens afgesloten; apropos; behalve dat; bovendien; buitendien; daarbij; daarbovenop; daarenboven; daarnaast; daarnevens; dicht; ernaast; gesloten; overigens; plus; tevens; toe; trouwens; voorts; à propos
al igual que alsmede; alsook; evenals; eveneens; evenzeer; mede; ook; tevens als ook; analoog; desgelijks; dito; eender; eenvormig; evenzo; exact hetzelfde; geheel gelijk; gelijk; gelijkaardig; gelijkslachtig; gelijksoortig; gelijktijdig; hetzelfde; identiek; net zo; ook; op dezelfde wijze; precies zo; soortgelijk; tegelijk; tegelijkertijd
al mismo tiempo alsmede; alsook; evenals; eveneens; evenzeer; mede; ook; tevens dadelijk; direct; gelijk; gelijktijdig; meteen; onmiddellijk; op hetzelfde moment; simultaan; tegelijk; tegelijkertijd; terstond; terwijl; terzelfder tijd; tezelfdertijd
asimismo alsmede; alsook; evenals; eveneens; evenzeer; mede; ook; tevens alsmede; alsook; evenals
así como alsmede; alsook; evenals; eveneens; evenzeer; mede; ook; tevens alsmede; alsook; desgelijks; dito; evenals; evenzo; ook; op dezelfde wijze; precies zo
con mede; mee bij de; met
de igual modo alsmede; alsook; evenals; eveneens; evenzeer; mede; ook; tevens
igualmente alsmede; alsook; evenals; eveneens; evenzeer; mede; ook; tevens eender; gelijk; gelijktijdig; hetzelfde; idem; insgelijks; om het even; tegelijk; tegelijkertijd
lo mismo alsmede; alsook; evenals; eveneens; evenzeer; mede; ook; tevens analoog; desgelijks; dito; eender; eenvormig; evenzo; exact hetzelfde; geheel gelijk; gelijk; gelijkaardig; gelijkslachtig; gelijksoortig; hetzelfde; idem; idem dito; identiek; net zo; om het even; onveranderd; ook; op dezelfde wijze; precies hetzelfde; precies zo; soortgelijk
lo mismo que alsmede; alsook; evenals; eveneens; evenzeer; mede; ook; tevens desgelijks; dito; evenzo; ook; op dezelfde wijze; precies zo; zowel als
también alsmede; alsook; evenals; eveneens; evenzeer; mede; ook; tevens behalve dat; bovendien; daarbij; daarenboven; tevens; voorts

Related Definitions for "mede":

  1. onder andere1
    • het komt mede door hem dat het zo goed gaat1

Wiktionary Translations for mede:

mede
adverb
  1. ook
noun
  1. licht alcoholische drank vervaardigd van honing
  2. een plant waarvan de wortel...

Cross Translation:
FromToVia
mede aguamiel mead — alcoholic drink
mede aguamiel; hidromiel Metgewürzter, mit Wasser verdünnter, vergorener Honig



Spanish

Detailed Translations for mede from Spanish to Dutch

darse:

darse verb

  1. darse (intervenir; trabajar; actuar; interpretar un papel teatral)
    performen; spelen; optreden
    • performen verb
    • spelen verb (speel, speelt, speelde, speelden, gespeeld)
    • optreden verb (treed op, treedt op, trad op, traden op, opgetreden)
  2. darse (conceder; dar; regalar; )
    geven; schenken; doneren
    • geven verb (geef, geeft, gaf, gaven, gegeven)
    • schenken verb (schenk, schenkt, schonk, schonken, geschonken)
    • doneren verb (doneer, doneert, doneerde, doneerden, gedoneerd)
  3. darse (acceder a; echar; prestar; )
    gunst verlenen; gunnen

Conjugations for darse:

presente
  1. me doy
  2. te das
  3. se da
  4. nos damos
  5. os dáis
  6. se dan
imperfecto
  1. me daba
  2. te dabas
  3. se daba
  4. nos dábamos
  5. os dabais
  6. se daban
indefinido
  1. me dí
  2. te díste
  3. se dió
  4. nos dimos
  5. os disteis
  6. se dieron
fut. de ind.
  1. me daré
  2. te darás
  3. se dará
  4. nos daremos
  5. os daréis
  6. se darán
condic.
  1. me daría
  2. te darías
  3. se daría
  4. nos daríamos
  5. os daríais
  6. se darían
pres. de subj.
  1. que me dé
  2. que te des
  3. que se dé
  4. que nos demos
  5. que os déis
  6. que se den
imp. de subj.
  1. que me diera
  2. que te dieras
  3. que se diera
  4. que nos diéramos
  5. que os dierais
  6. que se dieran
miscelánea
  1. ¡date!
  2. ¡daos!
  3. ¡no te des!
  4. ¡no os déis!
  5. dado
  6. dándose
1. yo, 2. tú, 3. él/ella/usted, 4. nosotros/nosotras, 5. vosotros/vosotras, 6. ellos/ellas/ustedes

Translation Matrix for darse:

NounRelated TranslationsOther Translations
optreden comportamiento; conducta; manera; modo
VerbRelated TranslationsOther Translations
doneren ahorrar; conceder; dar; dar importancia; darse; donar; echar; entregar; favorecer; obsequiar con; otorgar; perdonar; preferir; prestar; privilegiar; proporcionar; regalar; servir; verter
geven ahorrar; conceder; dar; dar importancia; darse; donar; echar; entregar; favorecer; obsequiar con; otorgar; perdonar; preferir; prestar; privilegiar; proporcionar; regalar; servir; verter administrar; administrar medicamentos; alcanzar; conceder; dar; entregar; hacer entrega; ofertar; ofrecer; presentar; presentar una petición; proporcionar; suministrar; transmitir; traspasar
gunnen acceder a; accedido; adjudicar; admitir; ahorrar; asentir a; complacer; conceder; conferir; consentir; cumplir con; dar; dar importancia a; darse; donar; echar; entregar; facilitar; no envidiar; obsequiar con; otorgar; perdonar; prestar; prestar ayuda; proporcionar; regalar; servir; suministrar; verter acceder; acceder a; admitir; aprender; atender a; atribuir; autorizar; ceder; conceder; cumplir con; dar; deber de ser; dividir en lotes; encuestar; entrevistar; extender; invitar a salir a una; pagar; permitir; preguntar la lección; prestar atención a; reconocer; repartir; repasar la lección; saber; ser de
gunst verlenen acceder a; accedido; adjudicar; admitir; ahorrar; asentir a; complacer; conceder; conferir; consentir; cumplir con; dar; dar importancia a; darse; donar; echar; entregar; facilitar; no envidiar; obsequiar con; otorgar; perdonar; prestar; prestar ayuda; proporcionar; regalar; servir; suministrar; verter
optreden actuar; darse; interpretar un papel teatral; intervenir; trabajar proceder; trabajar
performen actuar; darse; interpretar un papel teatral; intervenir; trabajar
schenken ahorrar; conceder; dar; dar importancia; darse; donar; echar; entregar; favorecer; obsequiar con; otorgar; perdonar; preferir; prestar; privilegiar; proporcionar; regalar; servir; verter abalanzarse; añadir; conceder; dar; donar; echar; entregar; escanchar; fundir; ingresar; otorgar; pagar; perdonar; regalar; regar; servir; suministrar
spelen actuar; darse; interpretar un papel teatral; intervenir; trabajar actuar; hacer teatro; interpretar un papel teatral

Synonyms for "darse":


Wiktionary Translations for darse:


Cross Translation:
FromToVia
darse vloeien fließen — (intransitiv) Wirtschaft: transferieren von Zahlungsmitteln