Summary
Dutch to French:   more detail...
  1. vastslaan:


Dutch

Detailed Translations for vastslaan from Dutch to French

vastslaan:

vastslaan verb

  1. vastslaan (spijkeren; vastnagelen; klinken; timmeren; vastspijkeren)
    clouer; river; riveter
    • clouer verb (cloue, cloues, clouons, clouez, )
    • river verb (rive, rives, rivons, rivez, )
    • riveter verb (rivette, rivettes, rivetons, rivetez, )

Translation Matrix for vastslaan:

NounRelated TranslationsOther Translations
river inklinking; inklinking van bout; klink
VerbRelated TranslationsOther Translations
clouer klinken; spijkeren; timmeren; vastnagelen; vastslaan; vastspijkeren aanklampen; aanslaan; beetgrijpen; beetpakken; grijpen; klinken; taxeren; vastklampen; vastklinken; vastpakken
river klinken; spijkeren; timmeren; vastnagelen; vastslaan; vastspijkeren klinken; vastklinken
riveter klinken; spijkeren; timmeren; vastnagelen; vastslaan; vastspijkeren