Summary
Dutch to English:   more detail...
  1. zich uitmonsteren:


Dutch

Detailed Translations for zich uitmonsteren from Dutch to English

zich uitmonsteren:

zich uitmonsteren verb

  1. zich uitmonsteren (zich uitdossen; optooien)
    to fit out; to furnish; to deck out; dress o.s. up

Translation Matrix for zich uitmonsteren:

VerbRelated TranslationsOther Translations
deck out optooien; zich uitdossen; zich uitmonsteren
dress o.s. up optooien; zich uitdossen; zich uitmonsteren
fit out optooien; zich uitdossen; zich uitmonsteren outilleren; toerusten; uitrusten; zich uitrusten
furnish optooien; zich uitdossen; zich uitmonsteren aanleveren; afleveren; bekleden; bestellen; bezorgen; brengen; fourneren; inrichten; leveren; meubileren; overhandigen; overtrekken; rondbrengen; stofferen; thuisbezorgen; toeleveren; van bekleding voorzien; verschaffen; verstrekken

Related Translations for zich uitmonsteren