Summary
Dutch to Spanish:   more detail...
  1. splitten:
  2. split:
  3. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for splitten from Dutch to Spanish

splitten:

splitten [de ~] noun, plural

  1. de splitten
    el dividir

Translation Matrix for splitten:

NounRelated TranslationsOther Translations
dividir splitten splitsen
VerbRelated TranslationsOther Translations
dividir afscheiden; afsplitsen; afzonderen; distribueren; kapot scheuren; kleinmaken; loskoppelen; ronddelen; scheiden; separeren; splitsen; uit elkaar halen; uiteengaan; uiteenhalen; uitreiken; uitsplitsen; verdelen; verscheuren

Related Words for "splitten":


splitten form of split:

split [het ~] noun

  1. het split (insnijding)
    la abertura; la hendidura; la gravilla triturada
  2. het split (inkeping; kloof; reet; )
    la muesca; escopladura; la entalladura
  3. het split (steengruis; macadam; mortel; )
    la grava
  4. het split (metselspecie; mortel; specie; )
    la sustancia; el mortero; el cemento

Translation Matrix for split:

NounRelated TranslationsOther Translations
abertura insnijding; split aanvang; achterbuurt; begin; buurtschap; doorkijk; eerlijkheid; gat; gehucht; gribus; inzet; kijkje; kloof; krottenbuurt; krottenwijk; lek; lekken; onbevangenheid; openhartigheid; openheid; opening; oprechtheid; rechtschapenheid; rondborstigheid; rondheid; spleet; staartstuk; start; stuit; tussenruimte; uitsparing
cemento bik; gruis; macadam; metselspecie; mortel; puin; specie; split; steengruis; steenslag bindmiddel; cement; cementlaag; metselkalk
entalladura barst; gat; groef; inkeping; kloof; opening; reet; scheur; split; uitsparing boterham; inkeping; inkerving; insnijding; jaap; kartel; keep; kerf; kerfsnede; plak brood; snede; snee; sneetje
escopladura barst; gat; groef; inkeping; kloof; opening; reet; scheur; split; uitsparing
grava bik; gruis; macadam; metselspecie; mortel; puin; split; steengruis; steenslag grind; grindsteen; keizand; kiezels; kiezelsteentjes
gravilla triturada insnijding; split
hendidura insnijding; split barst; bergkloof; bergspleet; breuk; buurtschap; gat; gehucht; geul; gleuf; groef; groeve; kloof; krak; langwerpige uitholling; opening; rotskloof; rotsspleet; scheur; sleuf; spleet; spouw; tussenruimte; uitsparing; vaargeul
mortero bik; gruis; macadam; metselspecie; mortel; puin; specie; split; steengruis; steenslag dommekracht; hersenloze krachtpatser; metselkalk; mortier; vijzel
muesca barst; gat; groef; inkeping; kloof; opening; reet; scheur; split; uitsparing inkeping; inkerving; insnijding; jaap; keep; kerf; kerfsnede; snede; snee
sustancia bik; gruis; macadam; metselspecie; mortel; puin; specie; split; steengruis; steenslag materie; stof; substantie

Related Words for "split":


Wiktionary Translations for split:


Cross Translation:
FromToVia
split espagat split — acrobatic feat