Summary
Dutch to English:   more detail...
  1. pootjebaden:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for pootjebaden from Dutch to English

pootjebaden:

pootjebaden verb (pootjebaad, pootjebaadt, pootjebaadde, pootjebaadden, pootjegebaad)

  1. pootjebaden
    to paddle
    • paddle verb (paddles, paddled, paddling)

Conjugations for pootjebaden:

o.t.t.
  1. pootjebaad
  2. pootjebaadt
  3. pootjebaadt
  4. pootjebaden
  5. pootjebaden
  6. pootjebaden
o.v.t.
  1. pootjebaadde
  2. pootjebaadde
  3. pootjebaadde
  4. pootjebaadden
  5. pootjebaadden
  6. pootjebaadden
v.t.t.
  1. heb pootjegebaad
  2. hebt pootjegebaad
  3. heeft pootjegebaad
  4. hebben pootjegebaad
  5. hebben pootjegebaad
  6. hebben pootjegebaad
v.v.t.
  1. had pootjegebaad
  2. had pootjegebaad
  3. had pootjegebaad
  4. hadden pootjegebaad
  5. hadden pootjegebaad
  6. hadden pootjegebaad
o.t.t.t.
  1. zal pootjebaden
  2. zult pootjebaden
  3. zal pootjebaden
  4. zullen pootjebaden
  5. zullen pootjebaden
  6. zullen pootjebaden
o.v.t.t.
  1. zou pootjebaden
  2. zou pootjebaden
  3. zou pootjebaden
  4. zouden pootjebaden
  5. zouden pootjebaden
  6. zouden pootjebaden
diversen
  1. pootjebaad!
  2. pootjebaadt!
  3. pootjegebaad
  4. pootjebadend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for pootjebaden:

NounRelated TranslationsOther Translations
paddle paddel; peddel; schoep van een scheprad
VerbRelated TranslationsOther Translations
paddle pootjebaden peddelen

Wiktionary Translations for pootjebaden:

pootjebaden
noun
  1. meandering walk or dabble through shallow water